Citaat | Hoge Raad 12 juli 2002
Alinea 33 Hoge Raad 12 juli 2002
Een alinea uit Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2178.
Dat [eiser] ter rechtvaardiging van zijn handelen heeft aangevoerd dat de waarde van de aan IDM verstrekte zekerheden ver uitsteeg boven de hoogte van de restantschuld, is niet relevant. Tussen partijen bij de lease-overeenkomst is nadrukkelijk overeengekomen dat alle daarin genoemde objecten zouden dienen als zekerheid voor de aflossing van de lening. Het is niet aan [eiser] te bepalen dat IDM met minder zekerheden genoegen moet nemen. Hierbij is mede van belang dat - zoals in het onderhavige geval door het bodembeslag van de fiscus - verhaal niet altijd op alle verstrekte zekerheid kan worden uitgeoefend. Mede gelet op het geringe tijdsverloop tussen de verkoop en levering op 15 juli 1993 en de daarna gebleken betalingsproblemen van [B] B.V. (in september 1993 vond de eerste stornering van een termijnbetaling plaats, begin december 1993 werd bodembeslag gelegd door de fiscus, op 28 januari 1994 werd surseance van betaling verleend en op 9 februari 1994 werd het faillissement uitgesproken) is het door [eiser] als bestuurder onttrekken van de auto aan het stil pandrecht een zodanig ernstig verwijt dat hij daarvoor persoonlijk aansprakelijk is te houden. Het verweer van [eiser] dat hij niet wist dat een stil pandrecht op de auto was verleend, wordt verworpen. (rov. 5.5)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c8d1dc1ddbae5eaa4eee066771b42c492e051afcd2121eb5231a66cc2caab75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c8d1dc1ddbae5eaa4eee066771b42c492e051afcd2121eb5231a66cc2caab75, en de alinea staat in dat document op bytes 9191 tot 10493.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1c8d1dc1ddbae5eaa4eee066771b42c492e051afcd2121eb5231a66cc2caab75 | shasum -a 256