Citaat | Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 44 Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2380.

3.6 De onderdelen I.7 en I.8 betogen dat de gebondenheid van [eiseres 2] niet kan worden aangenomen op grond van een door een derde (in het onderhavige geval [eiser 1]) gewekte schijn van bevoegdheid van de makelaar, welke schijn voor risico van [eiseres 2] zou komen; dat voor een zodanige toerekening in het geheel geen plaats is nu het gaat om de verkoop van een voor eigen bewoning bestemd huis tussen particulieren, en dat gebondenheid slechts kan worden aangenomen indien [verweerder] op grond van een verklaring of gedraging van [eiseres 2] mocht aannemen dat [eiseres 2] aan de makelaar opdracht had gegeven het bod namens haar te accepteren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/153b89eaef2824157d65688f59e359ff501ec146ca582863dfa33e4cc1669a1d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 153b89eaef2824157d65688f59e359ff501ec146ca582863dfa33e4cc1669a1d, en de alinea staat in dat document op bytes 13256 tot 13919.