Citaat | Hoge Raad 18 oktober 2002
Alinea 40 Hoge Raad 18 oktober 2002
Een alinea uit Hoge Raad 18 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3222.
3.11. Belanghebbende heeft zich voor het Hof beroepen op het gelijkheidsbeginsel en de stelling betrokken dat het door de wetgever gemaakte onderscheid tussen genieters van winst uit onderneming in de inkomstenbelasting en vennootschapsbelastingplichtige lichamen een door artikel 26 van het IVBPR verboden ongelijke behandeling oplevert. Belanghebbende heeft hierbij het oog op de omstandigheid dat voor verliezen in de ondernemingssfeer die eind 1994 nog openstaan en niet bij voor bezwaar vatbare beschikking zijn vastgesteld, in de inkomstenbelasting vanaf 1 januari 1996 de achtjaarstermijn van toepassing is gebleven en dat vennootschapsbelastingplichtigen daarentegen bij het ontbreken van een verliesvaststellingsbeschikking hun recht op verliesverrekening volledig kwijtraken. Het beroep faalt op de gronden vermeld in de onderdelen 7.10 en 7.11 van de Conclusie van de Advocaat-Generaal. Er is geen sprake van gelijke gevallen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcd24ed5d81042a6df91a45ae259de92f5894e7940c04cc0e83a34f518b778bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcd24ed5d81042a6df91a45ae259de92f5894e7940c04cc0e83a34f518b778bd, en de alinea staat in dat document op bytes 15577 tot 16527.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcd24ed5d81042a6df91a45ae259de92f5894e7940c04cc0e83a34f518b778bd | shasum -a 256