Citaat | Hoge Raad 20 september 2002
Alinea 66 Hoge Raad 20 september 2002
Een alinea uit Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3370.
3.2.2 Het Gerecht in Eerste Aanleg heeft overwogen dat CCT bij haar - hiervoor in 3.1 onder (vi) vermelde - verzoek van 10 juli 1995 aan de Gouverneur een concessie als bedoeld in art. 18 LTV (draadomroepinrichting) voor ogen heeft gehad. Voor het aanleggen, in stand houden en exploiteren van een draadomroepinrichting heeft CCT volgens dat artikel evenwel de machtiging van de Minister van Verkeer en Vervoer nodig. Een orgaan van de overheid dient echter in geval van onjuiste adressering het verzoek door te zenden aan het bevoegde orgaan. CCT wordt dan ook, aldus het Gerecht, geacht het verzoek bij de Minister te hebben ingediend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/486495f7f5cf22dc23a16d5731b1e8def16cb6578b2580335fcf066eb4f44311. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 486495f7f5cf22dc23a16d5731b1e8def16cb6578b2580335fcf066eb4f44311, en de alinea staat in dat document op bytes 15561 tot 16211.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/486495f7f5cf22dc23a16d5731b1e8def16cb6578b2580335fcf066eb4f44311 | shasum -a 256