Citaat | Hoge Raad 13 september 2002

Alinea 40 Hoge Raad 13 september 2002

Een alinea uit Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3383.

De Rechtbank heeft in haar tussenvonnis van 17 april 1998 het verweer van [verweerster] dat de vordering was verjaard, verworpen. De Rechtbank heeft voorts - samengevat - als volgt geoordeeld. [Verweerster] (oud) en [verweerster] worden met elkaar vereenzelvigd. Toen [verweerster] op 23 april 1985 het terrein verkreeg, moet voor haar, een onderneming werkzaam in de bouw, voldoende duidelijk zijn geweest dat de kosten ter sanering van de verontreiniging zoals die blijkt uit het rapport van Argus, zeker als er woningen gebouwd gaan worden, zodanig hoog kunnen zijn dat het terrein een negatieve waarde vóór sanering verkrijgt. Dat [verweerster] een - naar zij stelt - marktconforme prijs heeft betaald voor het terrein, komt voor haar eigen rekening; de koopprijs moet dan ook niet in mindering komen bij de bepaling van de verrijking aan de zijde van [verweerster]. [Verweerster] is door de sanering verrijkt met de waarde van het terrein na de sanering van ƒ 320.000,--. Voor de beoordeling van de vraag in hoeverre het redelijk is dat de Staat de verrijking van [verweerster] in volle omvang vergoed krijgt, is van belang de stelling van [verweerster] dat zij op grond van contacten met de gemeente Groningen en ondanks haar hierboven omschreven wetenschap, geen rekening behoefde te houden met een schadevergoedingsvordering als de onderhavige. [Verweerster] wordt op dit punt tot bewijs toegelaten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfb9d330b497cfbf0df1eb8bbba22fab87d5a130cb449cc18c0acaa703fabebe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfb9d330b497cfbf0df1eb8bbba22fab87d5a130cb449cc18c0acaa703fabebe, en de alinea staat in dat document op bytes 10400 tot 11823.