Citaat | Hoge Raad 13 september 2002

Alinea 48 Hoge Raad 13 september 2002

Een alinea uit Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3383.

De Staat heeft, bij de motivering van zijn vordering, bij voortduring gewezen op de verrijking van de eigenaar. Zo is bij gelegenheid van het pleidooi in hoger beroep door de Staat gewezen op de betaling van een koopsom in 1985 door "de wederpartij", alsmede op de wetenschap van [verweerster] op het moment van verwerving, hoewel op dat tijdstip, naar eigen stelling van de Staat, [verweerster] nog niet bestond. Dat het aan [verweerster] (oud) te wijten zou zijn dat indertijd te veel is betaald voor het terrein, kan derhalve niet van doorslaggevend gewicht zijn bij de vaststelling van de verrijking van economisch eigenaar [verweerster]. (rov. 4)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfb9d330b497cfbf0df1eb8bbba22fab87d5a130cb449cc18c0acaa703fabebe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfb9d330b497cfbf0df1eb8bbba22fab87d5a130cb449cc18c0acaa703fabebe, en de alinea staat in dat document op bytes 14238 tot 14902.