Citaat | Hoge Raad 27 september 2002

Alinea 55 Hoge Raad 27 september 2002

Een alinea uit Hoge Raad 27 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3389.

3.4.2 Art. 14 paragraaf 1 lid 14 van de Leidraad invordering 1990 houdt een regeling in die erop neerkomt dat de Belastingdienst de strafrechtelijke sanctionering en ontneming van wederrechtelijk verkregen voordelen zo min mogelijk belemmert. Het Openbaar Ministerie gaat in beginsel voor indien het een ontnemingsvordering instelt. Door te overwegen dat de door de Vereniging genoemde bepaling het oog heeft op "een andere situatie" en zich niet leent "voor toepassing op de situatie waarin de Vereniging zich bevindt" heeft het Hof tot uitdrukking gebracht dat van een analogische toepassing geen sprake kan zijn. In zoverre mist het onderdeel feitelijke grondslag. Dit oordeel geeft voorts niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en behoefde geen nadere motivering. Het onderdeel faalt mitsdien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25fb57322f4334fd253cda4ad1c788c2e838ac1b53656bcbadef48def92add6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25fb57322f4334fd253cda4ad1c788c2e838ac1b53656bcbadef48def92add6b, en de alinea staat in dat document op bytes 17438 tot 18253.