Citaat | Hoge Raad 24 december 2002
Alinea 38 Hoge Raad 24 december 2002
Een alinea uit Hoge Raad 24 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3561.
Na hervatting van het onderzoek ter zitting geeft de officier van justitie te kennen dat de rechtbank te 's-Gravenhage naar haar oordeel op grond van artikel 20 lid 2 Uitleveringswet wel bevoegd is om van het uitleveringsverzoek kennis te nemen omdat:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04c41d3a42602c1982fc747aa82388b44295ecc68973cda440419c6ef2161e3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04c41d3a42602c1982fc747aa82388b44295ecc68973cda440419c6ef2161e3a, en de alinea staat in dat document op bytes 10571 tot 10835.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/04c41d3a42602c1982fc747aa82388b44295ecc68973cda440419c6ef2161e3a | shasum -a 256