Citaat | Hoge Raad 4 oktober 2002
Alinea 38 Hoge Raad 4 oktober 2002
Een alinea uit Hoge Raad 4 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4358.
3.2 [Eiseres] heeft gevorderd dat [verweerster 1], althans [verweerster 1] en GI, veroordeeld zal c.q. zullen worden tot betaling van haar factuur. In reconventie hebben [verweerster 1] en GI gevorderd dat de overeenkomst tussen partijen zal worden ontbonden en dat [eiseres] zal worden veroordeeld tot vergoeding van schade op te maken bij staat. [Eiseres] heeft de vordering tegen GI ingetrokken. De Rechtbank heeft de vordering van [eiseres] toegewezen en de vorderingen in reconventie afgewezen. Het Hof heeft, na vernietiging van het vonnis van de Rechtbank, in conventie de vordering van [eiseres] afgewezen en in reconventie de overeenkomst ontbonden en [eiseres] veroordeeld tot vergoeding aan [verweerster 1] en GI van de door hen geleden schade, op te maken bij staat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/429d7de5566e152ca892f9fa74f4e495e201ab51b14021707a8d588f46e3c2e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 429d7de5566e152ca892f9fa74f4e495e201ab51b14021707a8d588f46e3c2e2, en de alinea staat in dat document op bytes 10961 tot 11752.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/429d7de5566e152ca892f9fa74f4e495e201ab51b14021707a8d588f46e3c2e2 | shasum -a 256