Citaat | Hoge Raad 4 oktober 2002

Alinea 53 Hoge Raad 4 oktober 2002

Een alinea uit Hoge Raad 4 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4359.

3.6.2 De klachten bestrijden het in 3.6.1 vermelde oordeel, waarmee het Hof tot uitdrukking heeft gebracht dat Rucanor Belgium als geadresseerde tot de vervoerovereenkomsten is toegetreden, als onbegrijpelijk: de uiteindelijke aflevering geschiedde niet met instemming van Rucanor Belgium, kan niet gelijkgesteld worden met aflevering aan Rucanor Belgium en heeft ook niet - zoals het Hof oordeelt - plaatsgevonden bij Rucanor B.V., maar - zoals [eiser] onweersproken heeft gesteld - bij H.T. International B.V. te Rotterdam.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/abdf500898507454e3338f41eb7849945f18d13097c7b317847745329b68f656. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt abdf500898507454e3338f41eb7849945f18d13097c7b317847745329b68f656, en de alinea staat in dat document op bytes 15559 tot 16097.