Citaat | Hoge Raad 21 juni 2002

Alinea 45 Hoge Raad 21 juni 2002

Een alinea uit Hoge Raad 21 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4390.

3.2.1 De vordering van [eiseres] tegen [verweerder] strekt tot betaling van een bedrag van US$ 280.000. Zij heeft aan deze vordering ten grondslag gelegd dat [verweerder] van de familie [van de partner] bedragen van US$ 750.000 en US$ 90.000 heeft ontvangen ten behoeve van drie personen, onder wie haar moeder, en dat [verweerder] deze bedragen, kort gezegd, heeft verduisterd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb1334522f0140c300e0881068e6da01b55849f5512ff8d2fa871c9cbc19e313. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb1334522f0140c300e0881068e6da01b55849f5512ff8d2fa871c9cbc19e313, en de alinea staat in dat document op bytes 10160 tot 10551.