Citaat | Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 35 Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4432.

Voor zover het middel zich keert tegen de overweging van het Hof dat uit de overgelegde stukken niet ondubbelzinnig blijkt van de bekendheid van [verweerder] met de handelingen van [betrokkene 1], is het eveneens tevergeefs voorgesteld. Het Hof heeft met deze term tot uitdrukking gebracht dat de stukken ten aanzien van de wetenschap van [verweerder] verschillende lezingen toelaten en het heeft kennelijk en niet onbegrijpelijk geoordeeld dat deze stukken derhalve geen afbreuk konden doen aan zijn slotsom dat onvoldoende aannemelijk was geworden dat [verweerder] van de malversaties op de hoogte was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4be53484907ce64fd0f6091c11e555dafb49cc5e056dc5538504b532d9a8fc04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4be53484907ce64fd0f6091c11e555dafb49cc5e056dc5538504b532d9a8fc04, en de alinea staat in dat document op bytes 12653 tot 13270.