Citaat | Hoge Raad 29 november 2002

Alinea 40 Hoge Raad 29 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4553.

3.9.1 De eerste twee onderdelen stellen de vraag aan de orde hoe art. 5:94 lid 2, voorzover inhoudende dat de eigenaar na het einde van de erfpacht gestanddoening van de huur kan weigeren "voorzover zonder zijn toestemming hetzij de overeengekomen tijdsduur van de huur langer is dan (...) of bedrijfsruimte in de zin van artikel 1624 van Boek 7A is verhuurd voor een langere tijd dan vijf jaren (...)", moet worden uitgelegd. De vraag is of met "verhuurd voor een langere tijd dan vijf jaren" wordt gedoeld op de periode waarvoor de bedrijfsruimte oorspronkelijk is verhuurd, zoals de Gemeente stelt, dan wel op de periode waarvoor de ruimte ten tijde van het einde van de erfpacht nog verhuurd is, zoals [verweerder] stelt, en daarmee of met de periode van vijf jaren uitsluitend wordt gedoeld op de eerste periode van vijf jaren waarvoor de huurovereenkomst geldt volgens art. 7A:1625, dan wel of deze periode mede ziet op latere perioden van vijf jaar waarvoor de huurovereenkomst is verlengd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82372da32f5c646177ee5acd3daa033d1ae39806046a9192a880da4a93455d47. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82372da32f5c646177ee5acd3daa033d1ae39806046a9192a880da4a93455d47, en de alinea staat in dat document op bytes 15297 tot 16307.