Citaat | Hoge Raad 28 juni 2002

Alinea 42 Hoge Raad 28 juni 2002

Een alinea uit Hoge Raad 28 juni 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4663.

3.2 ING heeft op de voet van art. 2:404 lid 5 BW een verzoek bij de Rechtbank ingediend als hiervoor in 1 is omschreven. De Rechtbank heeft haar in dit verzoek niet-ontvankelijk verklaard op de grond dat een pandhouder (zoals ING pretendeert te zijn van vorderingen van WKC op IndustriePark) niet kan worden aangemerkt als de schuldeiser voor wiens vordering nog aansprakelijkheid loopt als bedoeld in art. 2:404 lid 5. De Ondernemingskamer heeft de hiertegen aangevoerde grieven gegrond geoordeeld en Akzo Nobel in de gelegenheid gesteld zekerheid te stellen tot een bedrag van ƒ 19.972.043,--. De overwegingen waarop dit oordeel is gebaseerd, kunnen als volgt worden samengevat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2e76e977d4e95038d4cbf5b1f423406fb0eb25c9afb59733bd12cfe6839d398. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2e76e977d4e95038d4cbf5b1f423406fb0eb25c9afb59733bd12cfe6839d398, en de alinea staat in dat document op bytes 12081 tot 12775.