Citaat | Hoge Raad 2 juli 2002
Alinea 32 Hoge Raad 2 juli 2002
Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4767.
2.5. Uit de samenhang van bovengenoemde getuigenverklaring en de brief van de Minister van Justitie van 3 februari 2000 leidt het hof af, dat (de voorzitter van) het College van Procureurs Generaal niet gelukkig was met xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx bij de commissie Kalsbeek melding had gemaakt van het bestaan van de overeenkomst. De voorzitter heeft immers een 'pittig gesprek' xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx. De minister is evenwel van oordeel (...) dat artikel 7 van de overeenkomst er niet aan in de weg stond om de commissie Kalsbeek in kennis te stellen van (de inhoud van) de overeenkomst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2a285298f4990c67e663d1289d70415e462fa8f0e9e9780aa363f5b54a52e6bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2a285298f4990c67e663d1289d70415e462fa8f0e9e9780aa363f5b54a52e6bc, en de alinea staat in dat document op bytes 10258 tot 10855.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2a285298f4990c67e663d1289d70415e462fa8f0e9e9780aa363f5b54a52e6bc | shasum -a 256