Citaat | Hoge Raad 29 november 2002
Alinea 41 Hoge Raad 29 november 2002
Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE5164.
3.3 Met betrekking tot de middelen 2 - 8 moet worden vooropgesteld dat het Hof de vordering de Staat te bevelen zich met onmiddellijke ingang te onthouden van (deelname aan) verder oorlogsgeweld tegen de Federale Republiek Joegoslavië heeft afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang. Het Hof heeft daartoe overwogen dat niet is gebleken dat de Staat thans dreigt met geweld en dat het voorshands niet aannemelijk is dat de Staat tot zodanige dreiging zal overgaan (rov. 3 en 4). Nu echter dit belang eerst in appel aan de vordering is komen te ontvallen, heeft het Hof met het oog op de kostenveroordeling in eerste aanleg, waartegen [eiser] c.s een grief hadden gericht, onderzocht of de President de vordering, zoals deze in eerste aanleg luidde, terecht heeft afgewezen, uitgaande van de toestand ten tijde van zijn uitspraak.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4abca0491ef74255616851ab0eadd02c83ab59d7782d069d4790b0a82fc30ebb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4abca0491ef74255616851ab0eadd02c83ab59d7782d069d4790b0a82fc30ebb, en de alinea staat in dat document op bytes 11129 tot 11988.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4abca0491ef74255616851ab0eadd02c83ab59d7782d069d4790b0a82fc30ebb | shasum -a 256