Citaat | Hoge Raad 23 juli 2002
Alinea 21 Hoge Raad 23 juli 2002
Een alinea uit Hoge Raad 23 juli 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE5205.
Op 15.3.1999 heeft verdachte zich als chauffeur voorgesteld bij de getuige [getuige 1], directeur van de firma [de firma] in [vestigingsplaats]. Verdachte heeft verteld dat hij een ervaren chauffeur was en dat hij ervaring had met betonauto's en opleggers zoals de firma [de firma] die had. Getuige [getuige 1] nam op grond van de verklaring van de verdachte aan dat deze over een geldig rijbewijs moest beschikken. Eerst heeft hij gecontroleerd of de verklaring van verdachte klopte door met hem mee te rijden op proefritten. Nadat verdachte had aangetoond dat hij over voldoende rijervaring beschikte, vroeg de getuige aan verdachte om zijn rijbewijs te tonen. Verdachte liet hem zijn in 1993 door de regio-autoriteit Emsland afgegeven rijbewijs zien. Daarna werd hij door de firma [de firma] in dienst genomen. Verdachte was er zich van bewust dat hij de baan niet had gekregen, als hij het feit had verteld dat hij niet over rijbevoegdheid beschikte."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/06d9dd2080b26fdbfdf050289429af94fd9afa36c85943744e34eddf630c34b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 06d9dd2080b26fdbfdf050289429af94fd9afa36c85943744e34eddf630c34b6, en de alinea staat in dat document op bytes 8079 tot 9048.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/06d9dd2080b26fdbfdf050289429af94fd9afa36c85943744e34eddf630c34b6 | shasum -a 256