Citaat | Hoge Raad 22 oktober 2002

Alinea 11 Hoge Raad 22 oktober 2002

Een alinea uit Hoge Raad 22 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE5589.

Het Hof heeft in hoger beroep - behoudens ten aanzien van de bewijsvoering, de opgelegde straf alsmede de motivering daarvan - bevestigd een vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Maastricht van 13 april 1999, voorzover aan 's Hofs oordeel onderworpen, waarbij de verdachte is vrijgesproken van het bij inleidende dagvaarding onder 1 primair tenlastegelegde en voorts tot straffen is veroordeeld ter zake van 1 subsidiair "opzettelijk gebruik maken van het valse geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst" en 2. "opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, meermalen gepleegd". Het Hof heeft de verdachte deswege veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren, alsmede tot een geldboete van tienduizend gulden, subsidiair éénhonderd dagen hechtenis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ece27379fb15850a082c3e62d76d5c05088f0256e1609cb1faecbf2b5b5a8a20. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ece27379fb15850a082c3e62d76d5c05088f0256e1609cb1faecbf2b5b5a8a20, en de alinea staat in dat document op bytes 5441 tot 6352.