Citaat | Hoge Raad 15 oktober 2002
Alinea 81 Hoge Raad 15 oktober 2002
Een alinea uit Hoge Raad 15 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE6870.
4.9. In het middel wordt betoogd dat de Rechtbank dit marketingplan niet zonder nadere motivering tot het bewijs had mogen bezigen, nu bij de behandeling van de zaak in hoger beroep is aangevoerd dat daaraan geen "onderscheidende betekenis" toekomt aangezien de verdachte reeds vóór de in de bewezenverklaarde tenlastelegging genoemde tijdstippen "de toegelaten marketingactiviteiten richting medische beroepsbeoefenaars loskoppelde van de onderhavige voorlichtingscampagne aan het publiek, en wel zodanig dat er richting publiek op geen enkele wijze van 'reclame' sprake zou kunnen zijn".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8841a2ef65b21cdfceece24851e835435d70f9b28ec99f57fb9d1d82222904bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8841a2ef65b21cdfceece24851e835435d70f9b28ec99f57fb9d1d82222904bc, en de alinea staat in dat document op bytes 24046 tot 24650.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8841a2ef65b21cdfceece24851e835435d70f9b28ec99f57fb9d1d82222904bc | shasum -a 256