Citaat | Hoge Raad 29 november 2002

Alinea 68 Hoge Raad 29 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7005.

3.4.4 Onderdeel 1.A.4 kan bij gebrek aan feitelijke grondslag evenmin tot cassatie leiden, omdat het Hof door in rov. 4.6 van belang te achten dat de lening onbestreden is vastgelegd in een onderhandse akte, geen oordeel heeft gegeven over de geldigheid van de in die akte belichaamde rechtsverhouding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e67b5a407f14a1f759f341e36cf046d05ddbef7f12f59cb4551d1c7508bd681d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e67b5a407f14a1f759f341e36cf046d05ddbef7f12f59cb4551d1c7508bd681d, en de alinea staat in dat document op bytes 15697 tot 16012.