Citaat | Hoge Raad 29 november 2002

Alinea 48 Hoge Raad 29 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7011.

- dat gelet op de tekst van art. 20 lid 1, aanhef en onder e (zie hiervoor in 3.1 onder (ii)), [eiser] de goedkeuring van de raad van commissarissen had moeten verkrijgen voor het sluiten van de optieovereenkomst; dat, omdat de optieovereenkomst betrekking had op alle aandelen die [verweerster] in Xeikon hield, sprake was van een volledige vermindering van de deelneming van [verweerster] in Xeikon; dat de vermindering derhalve ingrijpend was; dat niet van belang is of de desinvestering wel of niet een relatief gering bedrag betrof, noch of de deelneming wel of niet een strategisch belang van [verweerster] diende; dat evenmin van belang is de stelling van [eiser] dat beslissingen die qua belang vergelijkbaar waren met de desinvesteringsbeslissing ook werden genomen door personen die niet formeel bestuurder waren en zonder dat de raad van commissarissen daarover tevoren werd gehoord (rov. 4.4);

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e134ec1748fafbb22bd4b8d3e94c7e064d352d7fc43b11fae2581b23500bbac9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e134ec1748fafbb22bd4b8d3e94c7e064d352d7fc43b11fae2581b23500bbac9, en de alinea staat in dat document op bytes 13431 tot 14349.