Citaat | Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 18 Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7313.

3.1. Het derde en het vierde middel keren zich met een motiveringsklacht tegen 's Hofs oordeel dat de transactie van de aandelen J en de loonbetalingen voor rekening van belanghebbende zijn uitgevoerd. De middelen worden tevergeefs voorgesteld, aangezien het oordeel als van feitelijke aard en niet onbegrijpelijk in cassatie niet met vrucht kan worden bestreden. Het op deze middelen voortbouwende eerste middel faalt mitsdien eveneens.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2296309f4ebdfd40b17a71f7ee34af8bafebbec9a3ee3c7c24dfbe24c5d89d5f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2296309f4ebdfd40b17a71f7ee34af8bafebbec9a3ee3c7c24dfbe24c5d89d5f, en de alinea staat in dat document op bytes 6259 tot 6709.