Citaat | Hoge Raad 1 november 2002
Alinea 36 Hoge Raad 1 november 2002
Een alinea uit Hoge Raad 1 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7347.
3.2.2 Het middel faalt. Bij de gevorderde overwerktoeslag gaat het om een bedrag per uur. Hieruit volgt dat de vordering van [eiser] loon betreft dat in geld en naar tijdruimte is vastgesteld. Het tijdstip van opeisbaarheid van een dergelijke vordering moet worden bepaald aan de hand van art. 7A:1638l (oud) BW, thans art. 7:623 BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40ee132771674537fd53e4d7b341461a95ff22e148949d856ac74a5326feec3d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40ee132771674537fd53e4d7b341461a95ff22e148949d856ac74a5326feec3d, en de alinea staat in dat document op bytes 10055 tot 10401.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/40ee132771674537fd53e4d7b341461a95ff22e148949d856ac74a5326feec3d | shasum -a 256