Citaat | Hoge Raad 1 november 2002

Alinea 41 Hoge Raad 1 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 1 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7356.

3.3 De Kantonrechter heeft de vordering afgewezen. De Rechtbank heeft het vonnis bekrachtigd en daartoe samengevat het volgende overwogen. De Rechtbank heeft in de eerste plaats aansluiting gezocht bij het arrest van de Hoge Raad van 13 januari 1995, nr. 15542, NJ 1995, 430, en aan de hand van het in dat arrest overwogene onderzocht of een redelijke en objectieve rechtvaardigingsgrond aanwezig is voor het maken van een onderscheid naar leeftijd bij de onvrijwillige beëindiging van een arbeidsverhouding. Na een weergave van de overwegingen van de Hoge Raad heeft de Rechtbank geoordeeld dat de in 1995 op dit punt geldende maatschappelijke opvattingen ook thans nog opgeld doen. In dat verband heeft de Rechtbank opgemerkt dat de pensioen- arbeids- en sociale zekerheidswetgeving er over de gehele lijn nog steeds van uitgaat - een enkele uitzondering daargelaten - dat men voor zijn 65e jaar in het arbeidsproces is, of moet worden, opgenomen, maar daarna een of andere vorm van pensioen geniet (bijvoorbeeld AOW) en uit het arbeidsproces is getreden. Ontwikkelingen na 1995 op het gebied van de voortgezette parlementaire gedachtewisseling en wetgevingsinitiatieven in nationaal en Europees verband duiden volgens de Rechtbank niet op een koerswijziging op dit terrein, terwijl een eventuele wijziging met betrekking tot het standpunt dat een ontslag wegens het bereiken van de 65-jarige leeftijd op redelijke en objectieve gronden berust, een keuze is die ook thans aan de politiek moet worden overgelaten. Voorts oordeelde de Rechtbank op grond van hetgeen is vermeld in rov. 4.8, in rov. 4.9 dat gelet op alle omstandigheden van dit geval geen sprake is van een situatie waarin, mede in aanmerking genomen de voor [eiseres] bestaande voorzieningen en de voor haar bestaande mogelijkheden om ander passend werk te vinden, de gevolgen van de beëindiging voor haar te ernstig zijn in vergelijking met het belang van de werkgever bij beëindiging. De Rechtbank heeft het handelen van [verweerster] evenmin in strijd geacht met de eisen van goed werkgeverschap.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/74db7a454a54f809fdee80f0b96a55f6add3db612ddb9e9e95108daffd9d259e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 74db7a454a54f809fdee80f0b96a55f6add3db612ddb9e9e95108daffd9d259e, en de alinea staat in dat document op bytes 9097 tot 11178.