Citaat | Hoge Raad 29 november 2002

Alinea 36 Hoge Raad 29 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7368.

(vii) Bij haar eindvonnis heeft de Rechtbank bewezen geacht dat [eiser] tezamen met [betrokkene 1] vanaf 1993 tot begin 1995 voor ƒ 60.000,-- aan geld en sieraden en voor ƒ 20.000,-- aan vakantiebonnen uit de woning van [verweerder] heeft weggenomen (rov. 4.4). In verband met de tussen [verweerder] en [betrokkene 1] gemaakte afspraak dat [betrokkene 1] ƒ 42.000,-- aan [verweerder] zal terugbetalen heeft de Rechtbank de voor rekening van [eiser] komende schade vanwege de diefstal vastgesteld op ƒ 38.000,-- (rov. 5) en de vordering van [verweerder] tot dit bedrag toegewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7829593a0f78fc4fded7eda8a5368615a5927b8ed47f01b35e5e95e6da3c75d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7829593a0f78fc4fded7eda8a5368615a5927b8ed47f01b35e5e95e6da3c75d8, en de alinea staat in dat document op bytes 9376 tot 9972.