Citaat | Hoge Raad 22 oktober 2002
Alinea 30 Hoge Raad 22 oktober 2002
Een alinea uit Hoge Raad 22 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7634.
3.5. Indien het Hof heeft geoordeeld dat in het algemeen heeft te gelden dat in een zaak als de onderhavige - waarin de verdachte niet in voorlopige hechtenis verkeert en evenmin het strafrecht voor jeugdigen is toegepast - van bijzondere voortvarendheid in evenbedoelde zin sprake is indien de behandeling in hoger beroep binnen twee jaar na het instellen van het rechtsmiddel is afgerond, heeft het blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4762b68a035c92aeb10603b96e9126c3b68d9eacb59f72963e0c810f7624a356. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4762b68a035c92aeb10603b96e9126c3b68d9eacb59f72963e0c810f7624a356, en de alinea staat in dat document op bytes 8686 tot 9147.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4762b68a035c92aeb10603b96e9126c3b68d9eacb59f72963e0c810f7624a356 | shasum -a 256