Citaat | Hoge Raad 22 oktober 2002

Alinea 23 Hoge Raad 22 oktober 2002

Een alinea uit Hoge Raad 22 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7696.

Verdachte heeft welbewust deelgenomen aan een (door hem en drie anderen ondernomen) poging om een vordering van één van hen ([medeverdachte 1]) te incasseren, doordat hij samen met die anderen naar de woning van de schuldenaar is gereden en die woning is binnengedrongen. Alvorens naar die woning toe te gaan heeft verdachte zich voorzien van een pistool dat was voorzien van een patroonhouder met daarin meerdere kogels, welk wapen op eenvoudige wijze kon worden doorgeladen. Ook twee van de anderen die aan voormelde poging deelnamen, waren daarbij in het bezit van een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp. Bij de desbetreffende woning aangekomen heeft verdachte waargenomen dat zijn mededaders [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2], die voor verdachte die woning binnengingen, tegen de daar aanwezige personen riepen dat zij op de grond moesten gaan liggen en die personen met electriciteitsdraad vastbonden en hen tot bloedens toe sloegen, onder meer aan hen vragend "where is our fucking money?". Verdachte heeft daarbij gehoord dat het om f 10.000,- ging en dat er doden zouden vallen als er niet betaald werd. Voorts heeft hij gehoord dat één van de geslagen en gebonden aanwezige Engelsen zei dat hij iemand wist bij wie het geld gehaald kon worden en dat [medeverdachte 1] toen besloot dat die Engelsman mee moest om het geld te halen. Verdachte heeft daarop als bestuurder van een auto die Engelsman (te weten [slachtoffer 2], wiens handen toen nog steeds op zijn rug gebonden waren en die een bebloede hoofdwond had) en [medeverdachte 1] naar de woning van de persoon bij wie het geld gehaald kon worden ([slachtoffer 1]) gereden, waarbij de route door [slachtoffer 2] werd aangegeven. Nadat zij bij de woning van [slachtoffer 1] waren aangekomen, hebben [medeverdachte 1] en [slachtoffer 2] zich bij de voordeur van [slachtoffer 1] opgesteld en heeft verdachte zich, na de door hem bestuurde auto te hebben geparkeerd, bij hen gevoegd, een en ander in afwachting van het moment waarop [slachtoffer 1] de deur zou openen, opdat deze vervolgens ertoe zou kunnen worden gebracht de gewenste som geld af te geven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31a579c215a0e789704eae319869137a6186bc99d4c36cd0a9732bcd3047d746. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31a579c215a0e789704eae319869137a6186bc99d4c36cd0a9732bcd3047d746, en de alinea staat in dat document op bytes 9147 tot 11309.