Citaat | Hoge Raad 22 oktober 2002

Alinea 32 Hoge Raad 22 oktober 2002

Een alinea uit Hoge Raad 22 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7696.

- dat de verdachte en [medeverdachte 1], nadat [slachtoffer 2] - daartoe gedwongen - hen vervolgens de woning van [slachtoffer 1] had gewezen, zich hebben opgesteld voor de voordeur van die woning, terwijl zij bij zich hadden de geboeide en uit een hoofdwond bloedende [slachtoffer 2], en dat toen enige tijd na het aanbellen [slachtoffer 1] de voordeur opende, [medeverdachte 1] een stap in diens richting deed en zei: "I just want my money", waarna [slachtoffer 1] met een vuurwapen heeft geschoten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31a579c215a0e789704eae319869137a6186bc99d4c36cd0a9732bcd3047d746. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31a579c215a0e789704eae319869137a6186bc99d4c36cd0a9732bcd3047d746, en de alinea staat in dat document op bytes 14713 tot 15227.