Citaat | Hoge Raad 13 september 2002
Alinea 90 Hoge Raad 13 september 2002
Een alinea uit Hoge Raad 13 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE7940.
3.5 Onderdeel 4 keert zich met rechts- en motiveringsklachten tegen rov. 3.20 waarin de Ondernemingskamer heeft overwogen dat zij naar aanleiding van het verzoek van de vennootschap de kosten van het onderzoek te mogen verhalen op [verzoeker] c.s. dient "te onderzoeken of uit het verslag blijkt dat deze personen voor het onjuiste beleid dan wel de onbevredigende gang van zaken verantwoordelijk zijn". Volgens het onderdeel heeft de Ondernemingskamer aldus miskend dat zij zelf dient vast te stellen of sprake is geweest van verantwoordelijkheid voor onjuist beleid als bedoeld in art. 2:354 BW en dat zij niet gebonden is aan het oordeel van de onderzoeker dienaangaande. Het onderdeel kan echter bij gebrek aan feitelijke grondslag niet tot cassatie leiden. De desbetreffende overweging kan immers niet anders worden begrepen dan als een verwijzing naar de in art. 2:354 BW neergelegde maatstaf aan de hand waarvan de Ondernemingskamer zich vervolgens een eigen oordeel heeft gevormd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/766ff2f25b9fd2d37fbf21b4c77f8d8901ac0b9296f50b366839b070bc299d1d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 766ff2f25b9fd2d37fbf21b4c77f8d8901ac0b9296f50b366839b070bc299d1d, en de alinea staat in dat document op bytes 20179 tot 21180.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/766ff2f25b9fd2d37fbf21b4c77f8d8901ac0b9296f50b366839b070bc299d1d | shasum -a 256