Citaat | Hoge Raad 27 september 2002
Alinea 37 Hoge Raad 27 september 2002
Een alinea uit Hoge Raad 27 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8146.
3.4.2. Het Hof heeft geoordeeld dat een redelijke verdeling van de bewijslast meebrengt dat belanghebbende tegenover de betwisting door de Directeur de door haar gestelde vermindering van de heffingsgrondslag op de voet van onderdeel 4.6 van het Convenant aannemelijk maakt. Het Hof heeft voorts geoordeeld dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat het leidingenwerk en de riolering tot de door belanghebbende gestelde percentages geen deel uitmaken van een bedrijfseenheid in de zin van onderdeel 4.3 van het Convenant.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65575e9ff221fc3dac3321d1c9a66179e8fcb2952e91e31604186d3d56889f48. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65575e9ff221fc3dac3321d1c9a66179e8fcb2952e91e31604186d3d56889f48, en de alinea staat in dat document op bytes 17237 tot 17782.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/65575e9ff221fc3dac3321d1c9a66179e8fcb2952e91e31604186d3d56889f48 | shasum -a 256