Citaat | Hoge Raad 22 november 2002
Alinea 62 Hoge Raad 22 november 2002
Een alinea uit Hoge Raad 22 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8185.
3.7 In rov. 4.14 verwerpt het Hof de stelling van [eiseres] dat het beroep van Sint Willibrordus op onverschuldigde betaling in strijd is met redelijkheid en billijkheid. Naar het oordeel van het Hof heeft [eiseres] nagelaten die stelling te onderbouwen. Volgens onderdeel 6 is dit oordeel onbegrijpelijk (vooral) in het licht van het betoog van [eiseres] over de samenhang van de overeenkomsten en de ongerechtvaardigde verrijking van Sint Willibrordus. Nu, zoals hiervoor in 3.3.6 en 3.5 is overwogen, de desbetreffende oordelen van het Hof niet in stand kunnen blijven, slaagt ook dit onderdeel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd052baa367bd3a2bc03467e363e3371ee112ab3dff23227af2c03d3a5ba75f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd052baa367bd3a2bc03467e363e3371ee112ab3dff23227af2c03d3a5ba75f3, en de alinea staat in dat document op bytes 27462 tot 28073.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd052baa367bd3a2bc03467e363e3371ee112ab3dff23227af2c03d3a5ba75f3 | shasum -a 256