Citaat | Hoge Raad 15 november 2002

Alinea 34 Hoge Raad 15 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8194.

3.4 De Rechtbank heeft geoordeeld dat de omstreden uitbouw niet valt onder de hiervóór in 3.1 onder (ii) vermelde erfdienstbaarheid (rov. 5) en dat AVO door inbreuk te maken op het eigendomsrecht van [verweerster] onrechtmatig jegens deze heeft gehandeld (rov. 9). De Rechtbank heeft de verweren van AVO tegen toewijzing van de vordering tot verwijdering verworpen, waarbij de Rechtbank in het bijzonder heeft geoordeeld dat er, gelet op het bepaalde in art. 6:54 (bedoeld zal zijn: art. 5:54) lid 3 BW, geen aanleiding bestaat om een situatie als de onderhavige te bestendigen, nu er sprake is van kwade trouw of grove schuld van AVO die immers zelf betrokken was bij de totstandkoming van de erfdienstbaarheid in 1991 en erop bedacht had moeten zijn dat zij niet zonder toestemming van [verweerster] kon overgaan tot het aanbrengen van de gewraakte uitbouw en trap (rov. 12).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac657edec2501c90fbb6a6af5cbcf8aef6db04b96629ca1fc3b54d6244d41111. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac657edec2501c90fbb6a6af5cbcf8aef6db04b96629ca1fc3b54d6244d41111, en de alinea staat in dat document op bytes 8699 tot 9591.