Citaat | Hoge Raad 29 november 2002
Alinea 42 Hoge Raad 29 november 2002
Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8201.
3.3 De Rechtbank heeft de vordering van de Bank afgewezen. Het Hof heeft het vonnis van de Rechtbank vernietigd en de vordering van de Bank toegewezen. Het Hof heeft geoordeeld dat de overeenkomst van geldlening en de kredietovereenkomst naar de letter niet vallen onder de bescherming van art. 1:88 BW (rov. 4). Het Hof volgt de Rechtbank niet in haar oordeel dat deze overeenkomsten in feite de strekking hebben van een borgstelling ten behoeve van de v.o.f. [A] en aldus toch binnen het beschermingsbereik van dit artikel vallen. Het Hof wijst een dergelijke ruime uitleg van de hand in verband met de vereiste zekerheid van het rechtsverkeer (rov. 5). Toestemming van de echtgenotes van [eiser 1] en [eiser 2] was derhalve naar het oordeel van het Hof niet vereist. De precieze omstandigheden waaronder de overeenkomsten tot stand zijn gekomen, alsmede de verdere gang van zaken rond het krediet in rekening-courant en de afwikkeling van het faillissement van de v.o.f. [A], kunnen naar 's Hofs oordeel verder onbesproken blijven (rov. 6).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f826eb381b52ae5cbec53780e26591c833e15defacb30f4d7e1957107b289a93. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f826eb381b52ae5cbec53780e26591c833e15defacb30f4d7e1957107b289a93, en de alinea staat in dat document op bytes 10079 tot 11135.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f826eb381b52ae5cbec53780e26591c833e15defacb30f4d7e1957107b289a93 | shasum -a 256