Citaat | Hoge Raad 29 november 2002

Alinea 43 Hoge Raad 29 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8201.

3.4 Onderdeel 2 is gericht tegen rov. 6 en voert aan dat de (precieze) omstandigheden waaronder de overeenkomsten tot stand zijn gekomen, van belang zijn, aangezien de vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding van partijen is geregeld en de vraag of de nietigheid van het contract met een beroep op een gezinsbeschermende bepaling kan worden ingeroepen, niet kunnen worden beantwoord op grond van enkel de letter van de overeenkomst, maar dat daarbij de betekenis moet worden vastgesteld die in verband met de omstandigheden van dit geval moet worden gehecht aan de verklaringen die zijn afgelegd met het oogmerk een overeenkomst aan te gaan, waarbij het aankomt op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen van het contract mochten toekennen en op hetgeen zij redelijkerwijs, mede gelet op hun maatschappelijke positie, van elkaar mochten verwachten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f826eb381b52ae5cbec53780e26591c833e15defacb30f4d7e1957107b289a93. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f826eb381b52ae5cbec53780e26591c833e15defacb30f4d7e1957107b289a93, en de alinea staat in dat document op bytes 11155 tot 12083.