Citaat | Hoge Raad 8 november 2002

Alinea 37 Hoge Raad 8 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 8 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8216.

3.4 Onderdeel 1.1 klaagt dat het Hof met dit oordeel zijn taak als verzetrechter miskent. In de verzetprocedure komt, aldus de klacht, geen doorslaggevende betekenis toe aan de letter van de dwangsombeschikking maar dient de verzetrechter deze naar doel en strekking uit te leggen, waarbij primair van belang is of de overtreding, waarop de last was gericht, is beëindigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b043fe2c7ec3721d5648a67eff2a1a4965752926d9ef0a5234bbd03ac3b00d71. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b043fe2c7ec3721d5648a67eff2a1a4965752926d9ef0a5234bbd03ac3b00d71, en de alinea staat in dat document op bytes 9515 tot 9901.