Citaat | Hoge Raad 15 november 2002

Alinea 36 Hoge Raad 15 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8464.

De Rechtbank heeft naar aanleiding van de appelgrieven 1 en 2 van de Staat enige in eerste aanleg aangevoerde, maar door de Kantonrechter niet behandelde verweren van de Staat verworpen. Onder meer en voor zover in cassatie van belang had de Staat - met verwijzing naar het Changoe-arrest (HR 28 februari 1992, nr. 14635, NJ 1992, 687) - betoogd dat de Kantonrechter [verweerder] niet-ontvankelijk had moeten verklaren in zijn vordering, omdat een andere met voldoende waarborgen omklede rechtsgang heeft opengestaan, en dat uit het arrest Groningen/Raatgever (HR 17 december 1999, nr. C98/80, NJ 2000, 87) niet is af te leiden dat de Hoge Raad heeft beoogd ten aanzien van ambtenaren terug te komen van zijn Changoe-jurisprudentie. De Rechtbank heeft ook de overige grieven van de Staat verworpen. In het incidentele appel heeft zij geoordeeld dat de Kantonrechter ten onrechte de bij de uitspraak van 24 februari 2000 toegewezen proceskosten van ƒ 1.420,-- op de gevorderde schadevergoeding in mindering heeft gebracht, nu deze proceskosten op de beroepsprocedure betrekking hebben en in het onderhavige geding alleen vergoeding van de in de bezwaarfase gemaakte kosten is gevraagd. Op grond hiervan heeft de Rechtbank het vonnis van de Kantonrechter vernietigd en alsnog de Staat veroordeeld tot betaling van € 2.009,28 (ƒ 4.427,86).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9feafb3ebe881d58c475b8477001b7c59a70918a79015d20fef1830a6b23dc66. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9feafb3ebe881d58c475b8477001b7c59a70918a79015d20fef1830a6b23dc66, en de alinea staat in dat document op bytes 10892 tot 12245.