Citaat | Hoge Raad 24 december 2002

Alinea 159 Hoge Raad 24 december 2002

Een alinea uit Hoge Raad 24 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8772.

7.3. Anders dan het eerste onderdeel van het middel betoogt, behoefde de omstandigheid dat de deskundigen Spreeuwenberg en Legemaate niet hebben kunnen beschikken over het procesdossier het Hof niet te weerhouden om, ook zonder nadere motivering in dit opzicht, van hun bevindingen gebruik te maken. De aan de deskundigen gestelde vragen zijn immers, evenals hun antwoorden, in algemene bewoordingen gesteld en niet toegesneden op de concrete omstandigheden van het onderhavige geval.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/93c2e4d0918c5f2c051d55e23f87838950ae82563707fa19ff2dd1f70a0cabf2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 93c2e4d0918c5f2c051d55e23f87838950ae82563707fa19ff2dd1f70a0cabf2, en de alinea staat in dat document op bytes 55575 tot 56072.