Citaat | Hoge Raad 29 oktober 2002

Alinea 34 Hoge Raad 29 oktober 2002

Een alinea uit Hoge Raad 29 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8831.

3.10. Gelet op de onder 3.8 weergegeven verklaring mist de klacht voorzover inhoudende dat niet uit de bewijsmiddelen kan blijken dat de ontucht met [slachtoffer 2] altijd heeft plaatsgevonden in de woning van de verdachte wanneer zij bij hem logeerde, eveneens feitelijke grondslag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ce9f661373735bd0baea49d7478c9327b8030f8feda477fbc694cf458a016cd2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ce9f661373735bd0baea49d7478c9327b8030f8feda477fbc694cf458a016cd2, en de alinea staat in dat document op bytes 10845 tot 11141.