Citaat | Hoge Raad 26 november 2002

Alinea 20 Hoge Raad 26 november 2002

Een alinea uit Hoge Raad 26 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8864.

3.3. De gebezigde bewijsmiddelen houden niets in waaruit kan volgen dat, zoals is bewezenverklaard, de verdachte het slachtoffer tegen een been heeft getrapt en/of geschopt. De Hoge Raad neemt aan dat het desbetreffende onderdeel van de tenlastelegging als gevolg van een kennelijke misslag in de bewezenverklaring is opgenomen. De Hoge Raad leest de bewezenverklaring met herstel van deze misslag. Aangezien in die lezing de aard en ernst van het bewezenverklaarde, in zijn geheel, waaronder de onder 1 bewezenverklaarde zware mishandeling ook bezien in het licht van het strafmaximum, niet worden aangetast, behoeft de kennelijke vergissing van het Hof niet tot cassatie te leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d934abb83dafe6560afe26903c2cd9e3c7175c4938715d967914ef895492ee88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d934abb83dafe6560afe26903c2cd9e3c7175c4938715d967914ef895492ee88, en de alinea staat in dat document op bytes 6792 tot 7489.