Citaat | Hoge Raad 5 november 2002
Alinea 31 Hoge Raad 5 november 2002
Een alinea uit Hoge Raad 5 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE8879.
3.4. Het middel neemt in navolging van het gevoerde verweer tot uitgangspunt dat in eerste aanleg art. 51 Sv is geschonden op de grond dat is verzuimd een afschrift van de inleidende dagvaarding aan mr. Ooykaas te zenden. Het middel faalt bij gebrek aan belang, nu het Hof heeft vastgesteld - hetgeen in cassatie niet wordt bestreden - dat mr. Ooykaas in eerste aanleg niet als raadsvrouwe van de verdachte optrad.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c0fcdae4dc6bb50896b2d83cb699dadf96c5f510f35873708a662ef8f01cc7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c0fcdae4dc6bb50896b2d83cb699dadf96c5f510f35873708a662ef8f01cc7d, en de alinea staat in dat document op bytes 11170 tot 11597.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0c0fcdae4dc6bb50896b2d83cb699dadf96c5f510f35873708a662ef8f01cc7d | shasum -a 256