Citaat | Hoge Raad 13 december 2002

Alinea 71 Hoge Raad 13 december 2002

Een alinea uit Hoge Raad 13 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE9243.

3.6.2 Uit het vorenoverwogene volgt dat het Hof de zevende grief gegrond had dienen te bevinden. Dit had het Hof evenwel niet behoeven te brengen tot vernietiging van het vonnis van de Rechtbank, nu de beslissing (dictum) ervan slechts het gelasten van een comparitie van partijen inhield en de gegrondbevinding van de zevende grief deze beslissing niet onjuist deed zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/84d7a1a190d2c46f37592f5e71fbb1f11f18d1051d5b3fcbddf0f1b9b09e442b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 84d7a1a190d2c46f37592f5e71fbb1f11f18d1051d5b3fcbddf0f1b9b09e442b, en de alinea staat in dat document op bytes 27538 tot 27923.