Citaat | Hoge Raad 13 december 2002

Alinea 37 Hoge Raad 13 december 2002

Een alinea uit Hoge Raad 13 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE9261.

3.3.1 Het middel klaagt terecht dat de Rechtbank met haar hiervóór in 3.2 vermelde oordelen heeft miskend dat een schuldeiser van de v.o.f. tegen ieder der vennoten twee samenlopende vorderingsrechten heeft, namelijk een vorderingsrecht tegen de gezamenlijke vennoten, welke vordering verhaalbaar is op het vermogen van de v.o.f., en een vorderingsrecht tegen de vennoot persoonlijk, welke vordering verhaalbaar is op het vermogen van deze vennoot. Een schuldeiser die zijn rechten doet gelden tegen zowel de v.o.f. als de vennoot persoonlijk, stelt, naar het middel eveneens met juistheid betoogt, in materiële zin twee vorderingen in, waarvan de toewijsbaarheid mede afhangt van de verweren welke door de v.o.f. onderscheidenlijk de vennoot persoonlijk worden gevoerd, zodat reeds op deze grond een tegen de v.o.f. gewezen vonnis waarbij een vordering tegen de v.o.f. is toegewezen geen gezag van gewijsde kan krijgen jegens de vennoot persoonlijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd34ffb2ed471aba55d3a34335bb9a996aec9b4c97f2fa81bc72eaa95ab6fac4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd34ffb2ed471aba55d3a34335bb9a996aec9b4c97f2fa81bc72eaa95ab6fac4, en de alinea staat in dat document op bytes 8792 tot 9758.