Citaat | Hoge Raad 15 november 2002
Alinea 39 Hoge Raad 15 november 2002
Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE9400.
3.5 Onderdeel 2 richt zich met motiveringsklachten tegen het oordeel van het Hof (in rov. 2.7) dat het beschikbaar houden van het benodigde zand in het onderhavige geval in voldoende mate kan worden aangemerkt als een daad van feitelijke uitvoering van de strandaanleg. In een executiegeschil als het onderhavige, waarbij het erom gaat of dwangsommen zijn verbeurd omdat een bevel tot nakoming niet of onvoldoende is nageleefd, heeft de rechter niet tot taak de door de bodemrechter besliste rechtsverhouding zelfstandig opnieuw te beoordelen, maar dient hij zich ertoe te beperken de ter uitvoering van het veroordelend vonnis verrichte handelingen te toetsen aan de inhoud van de veroordeling, zoals deze door uitleg moet worden vastgesteld. Daarbij dient de rechter, zoals het Hof terecht in rov. 2.7 voorop heeft gesteld, het doel en de strekking van de veroordeling tot richtsnoer te nemen in dier voege dat de veroordeling niet verder strekt dan tot het bereiken van het daarmee beoogde doel. Het Hof heeft echter, uitgaande van deze juiste maatstaf, onvoldoende inzicht gegeven in de gedachtengang die het tot het bestreden oordeel heeft gebracht. Omtrent het doel en de strekking van de veroordeling in het vonnis van het Gerecht van 3 mei 1999, zoals deze nader is gespecificeerd in het vonnis van 12 juli 1999, heeft het Hof zich niet uitgelaten. Zonder nadere motivering, die ontbreekt, is dan niet begrijpelijk waarom het enkele verwerven en beschikbaar houden van het benodigde zand in het onderhavige geval kan worden aangemerkt als een daad van feitelijke uitvoering van de strandaanleg. Het Hof heeft voorts nagelaten te motiveren welke bijzondere omstandigheden het onderhavige geval kenmerken. Het Hof kan daarbij niet hebben gedoeld op de omstandigheid dat het strand pas zou kunnen worden aangelegd na de aanleg van de beschermende breakwaters en pier, omdat die omstandigheid door het Hof eerst in zijn rov. 2.8 als een afzonderlijke grond voor zijn beslissing is vermeld. Onderdeel 2.5 treft derhalve doel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aca69d5ee31c9c125837af92efc0bb2d5bcdea33f51ee83923b6eb31c259abd9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aca69d5ee31c9c125837af92efc0bb2d5bcdea33f51ee83923b6eb31c259abd9, en de alinea staat in dat document op bytes 11678 tot 13719.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aca69d5ee31c9c125837af92efc0bb2d5bcdea33f51ee83923b6eb31c259abd9 | shasum -a 256