Citaat | Hoge Raad 6 december 2002
Alinea 56 Hoge Raad 6 december 2002
Een alinea uit Hoge Raad 6 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE9402.
3.4 Dit betoog is juist. Het Hof heeft in het dictum van de bestreden beschikking slechts het LBIO in zijn hoger beroep ontvankelijk verklaard en elke verdere beslissing aangehouden, zodat niet gezegd kan worden dat het Hof met een uitdrukkelijk dictum een einde heeft gemaakt aan het geding omtrent enig deel van het verzochte. Hieruit volgt dat 's Hofs beschikking moet worden aangemerkt als een tussenbeschikking. Nu het Hof in deze beschikking niet een voorlopige voorziening heeft toegestaan of geweigerd op de voet van art. 401a lid 1 Rv., en er evenmin sprake is van een van de uitzonderingen, genoemd in het tweede lid van dat artikel, stond tussentijds cassatieberoep tegen deze tussenbeschikking niet open (art. 401a lid 2 Rv. in verbinding met art. 426 lid 4 Rv.).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/81d993f2ca0a005498dadcea5809c98a684b0dac2250def6e518e8da7191e583. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 81d993f2ca0a005498dadcea5809c98a684b0dac2250def6e518e8da7191e583, en de alinea staat in dat document op bytes 14311 tot 15099.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/81d993f2ca0a005498dadcea5809c98a684b0dac2250def6e518e8da7191e583 | shasum -a 256