Citaat | Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 51 Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AF2166.

3.4 Voor zover onderdeel 4 voortbouwt op de hiervoor besproken onderdelen, moet het het lot daarvan delen. Voor zover het onderdeel klaagt dat de Rechtbank het beroep van [eiser] op strijd met de redelijkheid en billijkheid niet zonder meer had mogen verwerpen, omdat hij had aangevoerd dat hij niet overcompleet was en er nog genoeg werk voor hem was, miskent het dat gelet op art. 6:248 lid 2 BW alleen dan zou kunnen worden geoordeeld dat de overeengekomen beëindiging van rechtswege niet van toepassing is, indien dit in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2540c05e092641228175c5f7346ac67b8671f417a163f833bf77c5a66ac0a724. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2540c05e092641228175c5f7346ac67b8671f417a163f833bf77c5a66ac0a724, en de alinea staat in dat document op bytes 16033 tot 16670.