Citaat | Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 19 Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AF2255.

3.3. Het Hof heeft geoordeeld dat de slotuitkering waartoe belanghebbende op grond van de pensioenregeling jegens de erfgenaam verplicht was, als inkomsten uit vroegere dienstbetrekking van een ander in de zin van artikel 10 samen met artikel 2, lid 1, van de Wet moet worden aangemerkt. Dit oordeel is juist. De slotuitkering berustte immers op een pensioenregeling als bedoeld in artikel 11 van de Wet. De omstandigheid dat de verkrijging van een aanspraak op een dergelijke slotuitkering, die niet strekt ter verzorging van degenen voor wie de pensioenregeling is getroffen, niet kan worden aangemerkt als een verkrijging op grond van een pensioenregeling in de zin van artikel 32, lid 1, onder 5°, van de Successiewet 1956 (HR 4 maart 1992, 27981, BNB 1992/167), noopt niet tot een ander oordeel. Het eerste middel faalt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f2a882a312c50b54011dc2bbe8ef937f80644f73f7b7e9f20c647086f9a4937. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f2a882a312c50b54011dc2bbe8ef937f80644f73f7b7e9f20c647086f9a4937, en de alinea staat in dat document op bytes 6696 tot 7544.