Citaat | Hoge Raad 8 augustus 2003
Alinea 48 Hoge Raad 8 augustus 2003
Een alinea uit Hoge Raad 8 augustus 2003, ECLI:NL:HR:2003:AE2298.
3.7.2. Het onderdeel ziet eraan voorbij dat de beoordeling of een bepaalde onroerende zaak is gebaat, niet plaatsvindt bij de vaststelling van het bekostigingsbesluit of van de baatbelastingverordening - daarbij wordt slechts het gebied waarin de gebate onroerende zaken zijn gelegen, aangeduid respectievelijk vastgesteld - , maar in het kader van de vaststelling van de aanslag in de baatbelasting. Het voorschrift van artikel 222, lid 3, van de Wet, dat inhoudt dat de beoordeling of een onroerende zaak is gebaat, plaatsvindt naar de toestand op een in de belastingverordening te bepalen tijdstip dat is gelegen uiterlijk een jaar nadat de voorzieningen geheel zijn voltooid (hierna: de peildatum), is slechts in dat kader van belang. De tekst en de geschiedenis van de totstandkoming van deze bepaling laten toe dat de peildatum is gelegen vóór de datum van de algehele voltooiing van de voorzieningen. In een dergelijk geval zal de beoordeling of de onroerende zaak is gebaat, evenwel moeten plaatsvinden naar de omstandigheden op de peildatum (vgl. HR 24 juli 2001, nr. 35981, BNB 2001/328, rechtsoverweging 3.3.2).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b133e14d1c473ccd330b090247f670d28ef577e7b7ab67718eab334afb7131a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b133e14d1c473ccd330b090247f670d28ef577e7b7ab67718eab334afb7131a, en de alinea staat in dat document op bytes 21610 tot 22747.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b133e14d1c473ccd330b090247f670d28ef577e7b7ab67718eab334afb7131a | shasum -a 256