Citaat | Hoge Raad 8 juli 2003
Alinea 35 Hoge Raad 8 juli 2003
Een alinea uit Hoge Raad 8 juli 2003, ECLI:NL:HR:2003:AE5288.
3.1.4. Ten aanzien van het verweer dat, indien het tot een full trial in de Verenigde Staten van Amerika komt, er vermoedelijk geen sprake zal zijn van een berechting binnen een redelijke termijn, geldt dat dat enkele vermoeden niet dwingt tot het oordeel dat de opgeëiste persoon zal worden blootgesteld aan een zodanig risico van een flagrante inbreuk op het recht op berechting binnen een redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM dat de verzochte uitlevering ontoelaatbaar moet worden verklaard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/905a48fcfde42834c73443ef5f851ed785510da4d49482a9fd0c730da6041238. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 905a48fcfde42834c73443ef5f851ed785510da4d49482a9fd0c730da6041238, en de alinea staat in dat document op bytes 15071 tot 15600.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/905a48fcfde42834c73443ef5f851ed785510da4d49482a9fd0c730da6041238 | shasum -a 256