Citaat | Hoge Raad 10 januari 2003

Alinea 49 Hoge Raad 10 januari 2003

Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF0183.

De Rechtbank heeft vastgesteld dat de kantonrechter in de ontbindingsprocedure uitdrukkelijk heeft meegewogen dat de bank bij het opstellen van het tegenrapport niet volledig is tegemoetgekomen aan de eisen van [eiser], hetgeen heeft geleid tot een verhoging van de ontbindingsvergoeding, wegens beschadiging van de carrière van [eiser] als gevolg hiervan. In het hierop gebaseerde oordeel van de Rechtbank dat deze door [eiser] gestelde schade in de vergoeding is begrepen en dat de vordering tot het opstellen en toezenden van een rectificatie als vergoeding in natura moet worden afgewezen, ligt besloten dat de kantonrechter naar het oordeel van de Rechtbank ervan is uitgegaan dat de bank niet alsnog een wel volledig aan de eisen van [eiser] tegemoetkomend rapport zou opstellen en dat de kantonrechter daarmee rekening heeft gehouden door de ontbindingsvergoeding om die reden te verhogen. In dit oordeel ligt tevens het oordeel besloten dat [eiser] na de tussenbeschikking in de ontbindingsprocedure blijkbaar niet te kennen heeft gegeven dat hij geen genoegen wilde nemen met een extra vergoeding doch nadere rectificatie wenste en deze zo nodig in een nieuwe procedure zou eisen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0827afb815dd52c8bd2b76ea233e3cdbe48421b4df2558081964dcd74c4afa4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0827afb815dd52c8bd2b76ea233e3cdbe48421b4df2558081964dcd74c4afa4, en de alinea staat in dat document op bytes 18741 tot 19944.