Citaat | Hoge Raad 10 januari 2003

Alinea 44 Hoge Raad 10 januari 2003

Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF0692.

3.3 In zijn tussenarrest heeft het Hof in rov. 4.3 uit de daar vermelde stukken voorshands afgeleid dat de curator destijds als advocaat formeel in dienstbetrekking was bij [verweerster], maar [verweerster] in de gelegenheid gesteld "volstrekte duidelijkheid te verschaffen (...) omtrent de rechtsverhouding tussen haar en de curator in de jaren 1993 en 1994. De aard van deze rechtsverhouding is immers van belang om de eventuele aansprakelijkheid van [verweerster] te kunnen beoordelen." Daarbij is het Hof kennelijk en niet onbegrijpelijk ervan uitgegaan dat de grief van [verweerster] zich ook keerde tegen het oordeel van de Rechtbank voor zover dit inhield dat de aansprakelijkheid van [verweerster] voor de onrechtmatige daad van de curator voortvloeide uit het bepaalde in art. 6:170 BW en dat [eiseres] dit ook heeft begrepen. Door daarvan uit te gaan is het Hof, waaraan de uitlegging van de grief van [verweerster] was voorbehouden, anders dan middel I betoogt, derhalve niet getreden buiten de rechtsstrijd in hoger beroep.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c287ac48fecd4b47537a91ffb0ca60a1f878f1489c70ec9b1f764cf9c8b3d149. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c287ac48fecd4b47537a91ffb0ca60a1f878f1489c70ec9b1f764cf9c8b3d149, en de alinea staat in dat document op bytes 11733 tot 12781.